Zwemsite.nl

DE zwemsite van Nederland

Media beginnen warm te lopen voor EK

Email dit bericht Print dit bericht

Morgen gaan de Europese Kampioenschappen kortebaan van start en dat is vandaag eindelijk te merken in de media. Zo staat er sinds lange tijd op nusport.nl buiten het gebruikelijke voetbal en schaatsen weer eens een aparte kop ‘Zwemmen’. Verder beginnen de eerste voorbeschouwingen binnen te druppelen, zoals die over Marleen Veldhuis in Telesport (zie onder), Inge Dekker in NUsport magazine, Ilse Kraaijeveld in de Leeuwarder Courant (zie onder) en Pieter van den Hoogenband bij Omroep Brabant.

Vanuit de NOS lijkt de aandacht voor het toernooi in Eindhoven ook wat toe te nemen. (Mogelijk dat de afmelding van Sven Kramer voor het hele schaatsseizoen daar iets mee te maken heeft ?)
In ieder geval hebben ze bondscoach Jacco Verhaeren en Femke Heemskerk alvast wat vragen voor gelegd :

Verder zal de NOS alle (halve) finales van de EK live uitzenden op internet. Erg handig voor alle mensen die geen kaartjes hebben weten te bemachtigen, moet werken of de rit naar Eindhoven in de komende dagen (en het komende weer) liever niet maken. Voor de series kan trouwens afgestemd worden op Eurosport. Daarbij zal Bert Sitters volgens de laatste berichten geholpen worden door Thijs van Valkengoed. Ook Eurosport biedt de uitzendingen aan op internet, maar daarvoor moet wel de Eurosport Player worden aangeschaft. Je krijgt de beelden dan overigens wel in HD!

———–
Marleen Veldhuis in Telesport, door Luuk Blijboom

WEDERGEBOORTE VAN EEN ZWEMSTER

EINDHOVEN – Eigenlijk was die eerste dag van juni er een als alle andere. Zeg maar zoals de acht jaar daaraan voorafgaand waren geweest. En dus stopte Marleen Veldhuis ook deze dinsdagochtend braaf haar zwemkleding en handdoek in haar rugtas, klaar om te water te gaan.

Oké, ze mocht inmiddels ruimschoots de negende maand van haar zwangerschap hebben bereikt en omstreeks deze datum zijn uitgerekend, zwemster ben je nu eenmaal tot het moment waarop een volgend leven aanvangt. Het Pieter van den Hoogenband Zwemstadion zou ze die dag niet bereiken. ,,Geen idee wat het was, ik voelde me niet zo goed.” Lachend: ,,Vierentwintig uur later had ik mijn dochter in mijn armen.”

De geboorte van Hannah stond symbool voor de wedergeboorte van moeder Marleen, zwemster in dubio. Geen moment twijfelde ze aan een succesvol vervolg van haar loopbaan, toen ze twaalf maanden geleden haar zwangerschap wereldkundig maakte. Maar daar moest wel een rigoureuze ommezwaai in haar comfortabele leventje aan te pas komen. Al was het, zo klonk het, eigenlijk weinig meer dan een logische stap in het leven van een vrouw van 30.

,,Ik weet nog goed dat ze naar me toe kwam”, haalt Verhaeren die periode terug in herinnering. ,,Haar eerste zin was: ik ben zwanger. Haar tweede: ik wil wel mijn carrière vervolgen. Ze klonk heel vastberaden. Eigenlijk heb ik me nooit zorgen gemaakt of ze ooit op het hoogste niveau zou terugkeren.”

Het waren de wisselvallig verlopen wereldkampioenschappen in Rome die haar in de zomer van 2009 aan het denken zetten over de toekomst. Bijna als vanzelfsprekend was op de openingsdag het goud op de 4 x 100 vrij weggelegd voor het Nederlandse kwartet, de Golden Girls. Brons op de individuele 50 vrij, daar kon Veldhuis ook wel mee leven. Maar op de 50 vlinder werd ze slechts vijfde, op de dubbele afstand tikte ze als achtste aan. En voor het koningsnummer, de 100 vrij, wist ze zich niet eens te kwalificeren.

,,Ik was na Rome toe aan wat afstand. Niet dat ik klaar was met het zwemmen, of zo. Ik denk dat ik sowieso dit jaar had gebruikt om er even tussenuit gegaan. Het was na die WK nog drie jaar tot de Spelen van Londen. Ik had iets van: als ik nu nog tot 2012 exact doorga zoals de afgelopen zeven jaar, zal ik in Londen niet harder zwemmen. Een stage doen voor mijn studie, in het buitenland trainen, het waren allemaal opties. Ik moest gewoon een beetje weg van het zwemmen.”

Misschien klopt het inderdaad wel, het credo dat niets in het leven zonder reden gebeurt.

,,Was het op die WK allemaal van een leien dakje gegaan, dan ben je eerder geneigd op dezelfde weg door te gaan. In dat geval had ik vermoedelijk niet de noodzaak tot verandering ingezien. Je vervolgt een route die je niet echt verder brengt. Op een gegeven moment werd het zwemmen zelfs een beetje een sleur.”

Ze wilde twee dingen. Moeder worden. En prijzen pakken op de Olympische Spelen van 2012 in Londen.
In die volgorde.
Dus waarom niet kiezen voor het beste uit beide werelden?

Iets meer dan een maand na haar besluit toe te geven aan Moeder Natuur, bleek Veldhuis zwanger. In haar blijde verwachting vond de zwemster die nieuwe stimulans, de prikkel waar ze sinds Rome naar op zoek was. Het tekent haar karakter, zegt ze. ,,Ik houd van hard trainen. Van discipline. Maar ik ben ook een nieuwsgierig type en houd van variatie. Ik had geen grotere uitdaging kunnen vinden dan zwanger te worden en terug te keren.”

Veldhuis’ leven nam ineens een totaal andere, maar bijzonder welkome wending. Noem het een sabbatsjaar. Een extra lange taper, ook goed. ,,We zijn in februari zelfs een weekje naar de Olympische Spelen in Vancouver geweest. Camiel en ik zaten op de bank en zeiden ineens tegen elkaar: zullen we daar heen gaan? Voor we het wisten, zaten we in het vliegtuig naar Canada. ‘t Was leuk, die Spring Olympics. Lekker weertje.”

Vijf keer per week lag ze tijdens haar zwangerschap in het water, daarnaast deed ze de eerste zeven maanden ook nog (aangepaste) krachttraining. ,,Maar op een gegeven moment viel het met de beste wil van de wereld geen trainen meer te noemen. Het was meer dobberen.”

Veldhuis (31) kwam tijdens haar zwangerschap dertien kilo aan, een gemiddelde gewichtstoename waarvan nu nog ongeveer anderhalve kilogram over is. Een mooie score sinds ze op 13 september, met de frisheid van een nieuwkomer, haar regime hervatte.

,,Tijdens de eerste trainingen merkte ik vooral dat ik qua techniek behoorlijk had ingeleverd. Ik was voor mijn zwangerschap dagelijks bezig met details. Maar daar is vervolgens al die maanden nauwelijks meer aandacht aan besteed. Doordat ik minder zwom, heb ik automatisch ook aan kracht ingeboet. Ik ben minder explosief, dat merk ik goed.”

,,Met starten en keren blijf ik gewoon aan de muur vastplakken. Het heeft tijd nodig om dat weer op te pikken. Je komt heel snel op een niveau van zestig, zeventig procent. Daarna wordt het pas écht moeilijk. Ik denk dat ik nu op een procent of negentig zit. Die laatste tien procent halen, da’s eigenlijk veel moeilijker dan dat hele traject daarvoor.”

Alles in het leven kent een eerste keer. Zo ook de doorstart van een topsportcarrière. Even overwoog ze Dara Torres een e-mail te sturen met de vraag hoe die met het moederschap omging. De Amerikaanse keerde tijdens Peking 2008 op 41-jarige leeftijd als moeder van de toen tweejarige Tessa terug in het zwemmen en bleek op haar vijfde en laatste Olympische Spelen nog goed voor drie stuks zilver.

,,Ik was er al snel achter dat dat geen enkele zin had, omdat zo’n terugkeer voor iedereen verschillend is. Maar dat maakt het nou juist ook wel weer heel erg leuk. Gewoon, dat je niet weet wat je te wachten staat.”

Soms zit het op dat avontuurlijke pad mee. Zoals op die donkere herfstavond in oktober, toen ze in Aken voor het eerst weer op het startblok stapte en prompt de snelste bleek op 50 vrij en 50 vlinder. Het was een scenario waarvan ze, vierenhalve maand na de bevalling, hooguit stiekem durfde te dromen.

Het werd een rentree die gepaard ging met de bekende gulle giechel. Als eerste aantikken in Aken was bovenal een bevrijding. Bewust vermijdt ze de term meevaller. ,,Want ik had op dat moment gewoon geen idee wat ik van mezelf mocht verwachten. Wie weet zwem ik deze tijden het komende jaar ook nog wel. Wie zal het zeggen? Al hoop en verwacht ik dat niet.”

Maar soms zit het op de marsroute ook tegen. Zoals in het Italiaanse Bolzano, waar ze eerder deze maand tot twee maal toe haar meerdere moest erkennen in jeugdige ploeggenote Ranomi Kromowidjojo. ,,Dit leert me ook weer dat de weg terug naar de top niet louter en alleen steil omhoog gaat”, heet dat op z’n Veldhuis’.

De combinatie van moederschap en topsport bedrijven valt haar vooralsnog alleszins mee. Soms is het improviseren, dat wel. Tijdens het trainingskamp dat over twee maanden op het zonnige Curaçao staat gepland, gaat moeder Noor mee als oppas.

,,Eigenlijk is het fantastisch. Ik had altijd al heel veel plezier in het zwemmen. Nu kom je na het trainen thuis en dan is het nog steeds leuk. Mijn nieuwe leventje lijkt wel zo’n soap op de televisie.”

Inmiddels draait ze weer ouderwetse trainingsweken van vijfentwintig uur. Nog steeds is ze diezelfde, bevlogen sportvrouw.

Maar toch ook weer niet.

,,Omdat ik een tijdje afstand van het zwemmen heb genomen, ben ik minder perfectionistisch geworden. Vroeger wilde ik alles héél graag héél erg goed doen. Een training missen, dat was het ergste dat me kon overkomen. Ik zie het zwemmen nu in een veel breder perspectief. Relativeren zou ik het niet willen noemen. Maar die tunnelvisie is er niet meer. Ik sta er allemaal nèt een klein beetje verder van af. Het is niet zo dat ik het zwemmen er tegenwoordig maar bij doe, begrijp me goed. Dat zou wel kunnen, overigens. Maar dan kom je niet ver.”

Ze hakte bovendien een knoop door. ,,Mijn individuele kansen liggen vanaf nu op de 50 vrij. Dat is duidelijk. Eigenlijk is dat altijd een sterker nummer geweest dan de 100 vrij. Ik moet nu prioriteiten stellen. Ik heb het daar met Jacco uitgebreid over gehad. Of je voor de 50 of 100 vrij traint, dat maakt niet zo veel uit. Dus aan mijn training zal niet worden gesleuteld. Maar de focus ligt in de toekomst vooral op het echte sprinten.” Het zet de WK van 2011 in Sjanghai, waar de eerste olympische startbewijzen voor Londen worden vergeven, in een ander daglicht. ,,Het missen van de 100 vrij op de WK zou geen ramp zijn.”

De resterende twintig maanden van haar carrière zijn overzichtelijk. ,,Na Londen ben ik niet meer inzetbaar. Maar het is niet zo dat ik de jaren aftel tot ik er mee kan stoppen. Feit is wel dat mijn loopbaan nog nooit zo gestructureerd was als nu.”

,,De Spelen van 2004 in Athene, die zijn me eigenlijk overkomen. Peking was een logische volgende stap. Het laatste traject is een weloverwogen keuze. Ik heb nog nooit zó goed over mijn sport nagedacht. Dít is het pad tot Londen 2012. Zó gaat het gebeuren. Klaar.”

———–
Ilse Kraaijeveld in de Leeuwarder Courant, door Frederik Bierling

Ilse Kraaijeveld (19) arriveert op de fiets bij het Pieter van den Hoogenbandstadion. Haar appartement, dat ze deelt met twee andere zwemmers, ligt op tien minuten afstand. Niet langer hoeft ze om kwart voor vijf op om rond de klok van zes in Leeuwarden in het water te kunnen duiken.

Ook haar ouders, die jarenlang in haar ritme meegingen, hebben rust. ,,Ze moeten nu een andere hobby zoeken’’, zegt Kraaijeveld lachend in Grand-café De Swimmers, waar een Broodje vrijeslag 4,50 kost en ook Soep van Pieter op het menu staat. ,,Het bevalt me hier goed’’, stelt de vrijeslagspecialiste desgevraagd. ,,Ik heb nog geen heimwee. En er zitten hier zwemmers die olympisch goud hebben gewonnen waar ik veel van kan leren. Toen ik twaalf was, stond ik in Drachten in de rij voor een handtekening van Pieter van den Hoogenband. Nu lig ik soms samen met hem in dezelfde baan; hij traint af en toe mee.’’

Kraaijeveld geeft haar bezoek een rondleiding door het naar ‘VDH’ vernoemde zwemstadion. ,,Daar sta ik volgende week’’, zegt ze, vanaf de balustrade wijzend naar het imposante wedstrijdbad. Vorig jaar stond ze in Istanboel nog ‘te shaken’ voor haar internationale debuut. Inmiddels is ze een paar toernooien verder, waaronder het EK langebaan, en heeft ze haar plek gevonden, ook in de nationale ploeg. Ze is niet langer ‘dat meisje uit Friesland’.

Toch voelt ze de spanning komen. Na het springbad, waar ze ter ontgroening van de 10-meterplank moest springen (‘je denkt dat je dood valt’), toont Kraaijeveld het voormalige krachthonk. Het is nu letterlijk een zenuwcentrum. Bij het EK maken de zwemmers zich hier gereed voor hun race. ,,De een slaat nerveus op zijn benen, de ander luistert naar harde muziek. En er zijn ook zwemmers die tegen anderen aan gaan kletsen. Ik niet, ik sta gewoon wat los te zwaaien. Ik kijk wel altijd heel zenuwachtig, hoor ik van anderen, haha.’’

Vanuit de ruimte van de ‘voorstart’ is het een kleine stap naar het trainingsbad. Kraaijeveld wijst naar alle camera’s, die – ook onder water – de verrichtingen van de zwemmer feilloos registreren. In het trainershokje ernaast kijken trainer en pupil de beelden meteen terug. Ze deed dat in het verleden ook wel, maar nu frequenter en iets professioneler. ,,De beelden worden langzaam afgespeeld, zodat je ziet wat je fout doet. Daarna ga je gelijk het water weer in om met de aanwijzingen aan de slag te gaan. Of Jacco (Verhaeren, red.) laat beelden zien van hoe Marleen (Veldhuis) het doet. Handig om zo’n voorbeeld erbij te hebben.’’

Verhaeren gaat verder waar haar vorige trainer, Henri Koek, gebleven is. ,,Toen ik hier kwam zei Jacco dezelfde dingen als Henri. Bijvoorbeeld over het hoog houden van de elleboog bij het overhalen. Henri was alleen iets directer. ‘Doe maar over’, riep hij soms, of ‘Ziet er niet uit!’ Ik kreeg ook wel eens een plankje naar mijn hoofd gegooid. Dan dook ik snel onder water, haha. Het mooie was dat Henri in augustus speciaal met zijn vriendin naar Boedapest was gekomen om mij te zien bij het EK.’’

Kraaijeveld werkt nu een week of tien onder de vleugels van Jacco Verhaeren. Relatief kort, stelt Verhaeren, maar hij werkt graag met haar. ,,Ilse is enthousiast en wil graag leren. Alles hier is nieuw voor haar en dat zal even moeten inwerken, maar die tijd krijgt ze. Het uiteindelijke doel is te kijken of we haar naar de Olympische Spelen kunnen krijgen.’’

Volgens Verhaeren heeft Kraaijeveld nog wel een weg te gaan naar de absolute top. ,,Ilse zwemt nummers (50 en 100 meter vrij) die in Nederland van wereldniveau zijn. Om in de estafetteploeg in de finale te komen of individueel, moet je in de top-vijf van de wereld zitten. Ze heeft hier concurrentie van toppers als Ranomi (Kromowidjojo), Marleen (Veldhuis), Inge (Dekker) en Hinkelien (Schreuder). Dat maakt het verschrikkelijk moeilijk. Als Ilse voor Frankrijk, Italië, Spanje of Duitsland had gezwommen, was het makkelijker geweest de top te halen. Waar het voor haar eindigt, kun je onmogelijk zeggen, maar ze zit natuurlijk niet voor niets hier in Eindhoven. We gaan er alles voor doen om dat niveau te halen.’’

Kraaijeveld bespeurt ook nog altijd progressie in haar ontwikkeling. Op het EK zal ze uitkomen in de series van de 4×50 vrij en persoonlijk op de 100 vrij. ,,Ik stel liever geen tijdsdoelen, maar drie weken geleden zwom ik in Aken een pr terwijl ik niet eens uitgerust was. Ik hoop richting de 53 seconden te gaan.’’

Na het EK volgt al snel het NK en wellicht wordt ze in december ook uitgezonden naar het WK in Dubai. ,,Daarna even bijkomen in Dokkum en dan gaan we half januari op trainingskamp naar Curaçao om lekker weer op te bouwen na de vakantie. Op de site van het hotel zag ik dat daar dolfijnen zwemmen vlak voor het strand. Ik hoop dat we een keer met ze mogen zwemmen.’’ Lachend: ,,Dit topsportleventje bevalt me wel.’’

Tagged as: , , , , ,

Leave a Response